dinsdag 16 februari 2010

Wie moet de strijd tegen klimaat verandering runnen ?

Dit is feitelijk het verschil tussen de Amerikaanse aanpak en de Europese aanpak. Onder Clinton werd een beleid ingezet van innovaties in bedrijven en in Europa is het politiek gerund.




Hierin zitten cruciale verschillen in motivatie en aanpak. Het zal geen verbazing zijn dat ik ervan overtuigd ben dat de markt dit moet runnen.



Neem duurzame energie. Iets waarvan ik een voorstander ben. Echter hebben we in Europa een inefficiƫnte methode gekozen. Productie van grootschalige centrale energie. Persoonlijk geloof ik in decentrale energie productie, bvk. in je eigen huis of bedrijfspand.



De Europese methode bestaat uit snel uit de grond stampen van grootschalige duurzame energie projecten. Hierop zijn enkele punten aan te merken:

1.) Andere opties worden niet meegenomen;

2.) Iedereen staart zich blind;

3.) Men verhuld dat consumenten niet voor groen willen betalen;

4.) Men gaat er vanuit dat er 1 optie is, terwijl er vele opties zijn.



Eerder schreef ik over wat GE aan het doen is. Een methode waarbij de totale corporate uitstoot gereduceerd moet worden, inclusief de productie, levensduur en afbraak van de producten en services die GE voortbrengt. Nou is GE uberhaupt zeer goed in het detecteren en benutten van trend veranderingen.



Bijkomend nadeel is dat overheden niet de economie kunnen bepalen. Zeker een open economie als de Nederlandse niet. Kan er niet een wereldwijd klimaat verdrag gesloten worden waarbij we een maximale uitstoot per inwoner gaan instellen?



Nou kan de markt, uiteraard, niet alles doen en de overheid zou zich daarom moeten beperken tot het scheppen van de omgeving waarbij ondernemingen klimaat doelstellingen kunnen realiseren en winstgevend in kunnen zijn.



Het in Nederland, als enige land in Europa, mislukte label systeem bij huizen kan hierbij werken. Maak huizen energie zuiniger. Echter zijn er ook andere oplossingen:

1.) De VS gaat haar interne vliegmarkt volledig openstellen;

2.) Er komt een wereldwijd verdrag, liever een slecht dan geen verdrag;

3.) Vleesconsumptie gaan we in Europa en Noord-Amerika drastisch verminderen;

4.) Plaatselijke producten gaan we promoten;

5.) De gelden van ontwikkeling samenwerking gaan we inzetten om de verduurzaming te accelereren in de rest van de wereld;



Een zeer mooi voorbeeld van wat de markt hierin kan betekenen zijn Akzo Nobel en de Rabobank.



Het Akzo Nobel voorbeeld:



Verf spuiterijen gebruikten per stuk voor ongeveer Euro 2000,- per maand aan gas om auto’s en andere voertuigen te spuiten. Door innovatie en vernieuwing is dit gereduceerd tot E 2.000,- per jaar.



Het Rabobank voorbeeld:



Bij de Rabobank worden bij zakelijke financieringen klimaat belasting meegenomen. Deze moet vermindert worden. Dus naast de ontwikkeling van het bedrijf / project ook de klimaat belasting verminderen. Hoeft de staat niets voor te doen.

Geen opmerkingen: